Machito Zangers – Artiesten
Oprichter van Machito and his Afro-Cubans: met Mario Bauzá als muzikaal leider bracht Machito in New York Cubaanse ritmes en bigband-jazz samen, en legde zo de basis voor de Afro-Cubaanse jazz (cubop) en later de salsa.
Over
Machito (Francisco Raúl Gutiérrez Grillo, 1909 – 1984) groeide op in de wijk Jesús María in Havana, samen met zijn pleegzus, de zangeres Graciela. Zijn geboortejaar en -plaats zijn onzeker: hij gaf er zelf verschillende versies van, van Havana tot Tampa. Als tiener werd hij al beroepsmusicus en speelde hij van 1928 tot 1937 in verschillende groepen in Cuba.
- New York (1937): hij kwam als zanger van Las Estrellas Habaneras en nam op met onder anderen het Cuarteto Caney en Xavier Cugat.
- The Afro-Cubans (1940): op 3 december 1940 hield hij de eerste repetitie in Harlem. Vanaf januari 1941 was zijn zwager Mario Bauzá muzikaal leider, 34 jaar lang. De bezetting was die van een bigband met trompetten en saxofoons, plus Cubaanse percussie. Machito was frontman en speelde maracas.
- Eerste hit: Sopa de pichón (1941).
- Cubop: in 1948 noemde hij de stijl zelf zo, met het nummer Cubop City. Hij nam op met Charlie Parker en speelde in 1949 in Carnegie Hall.
- Graciela: vanaf 1943 zong zij in de band. Ze zongen beurtelings en in duetten als Sí sí, no no, en Graciela speelde de claves.
- Later: vanaf 1975 toerde hij met een kleinere band door Europa, met zijn zoon Mario Grillo. In 1983 won hij een Grammy voor Machito & His Salsa Big Band '82. Hij overleed in april 1984 in Londen, na een beroerte vlak voor een concert in Ronnie Scott's.
Invloed
Machito en de Afro-Cubans waren een van de eerste bands die Afro-Cubaanse ritmes combineerden met jazzimprovisatie en bigband-arrangementen. Dizzy Gillespie, Charlie Parker, Stan Kenton, George Shearing en Cab Calloway noemden hem als invloed. In East Harlem heet een kruispunt naar hem Machito Square.
📝 Bronnen