Batanga

De batanga is een dansritme dat pianist Bebo Valdés in 1952 in Havana lanceerde. Het nieuwe was dat er een batá-trommel in het orkest meespeelde: een heilige trom uit de Afro-Cubaanse religie, die tot dan toe niet op het podium van dansorkesten te horen was.

Ontstaan

In juni 1952 stelde Bebo de batanga voor in de studio's van radiozender RHC Cadena Azul, met een orkest van zo'n twintig musici. Het ritme ging ook in première in het cabaret Tropicana, waar Bebo toen pianist en arrangeur was. Daarna had hij een eigen radioprogramma, eerst op zondag en vanaf juli elke avond.

  • Naam: volgens Bebo komt batanga van de Afrikaanse woorden batá en tanga.
  • Batá: de batá-drummer Trinidad Torregrosa werkte mee aan het ritme, en percussionist Cándido Camero hielp volgens een bron bij het bedenken ervan.
  • Zangers: een van de zangers was Benny Moré. Het orkest van de batanga hielp hem in Havana bekend te maken.
  • Klank: anders dan bij de mambo had het orkest een sectie trombones en een hoorn.

Waarom het verdween

Bebo wilde met de batanga de mambo naar de kroon steken. Het publiek was bij de eerste uitzending enthousiast, maar sponsors en platenmaatschappijen gokten liever op zeker, en het ritme kreeg geen promotie. Tegen de eenvoudige, dansbare cha-cha-chá kon het niet op. Bebo zei later zelf dat de batanga "een natuurlijke dood" stierf.

Er bleef wel iets van over: de Orquesta Aragón nam de basfiguren van de batanga over.


📝 Bronnen