Een vocale improvisatie of melodisch gebaar, soms gebruikt om tussen secties over te gaan, waarbij vaak de overgang naar de montuno wordt gemarkeerd of energie opnieuw wordt geïntroduceerd.
In de Cubaanse rumba (vooral guaguancó) en haar moderne afstammeling timba verwijst een diana naar de vocale introductie van een rumbastuk. Het wordt doorgaans gezongen door de hoofdzanger (sonero of cantante) voordat de hoofdtekst begint.
🎵 Kenmerken van een Diana:
Melismatisch: Bevat zangruns, verlengde lettergrepen en versieringen.
Klanksyllaben: Gebruikt vaak vocabelen zoals la la la, aye aye aye, enz.
Bepaalt stemming en toonsoort: Zet de toon en betrekt zowel muzikanten als publiek.
Gaat vooraf aan de hoofdtekst: Leidt naar de décima of het verso, de narratieve sectie.